Buizerds

Een paar dagen geleden waren ze er ineens weer, vlak boven onze woonwijk cirkelend: de buizerds. Aan het begin van de lente, als de lucht niet al te donker en bewolkt is, verleggen ze hun territorium en verlaten de bossen om hun geluk ook eens boven de huizen en de straten te beproeven. Geen idee of ze wel eens naar beneden duiken om een woonwijkmuisje o.i.d. te verschalken of een graai te doen in een of andere afvalbak, maar ze laten in elk geval eens in de zoveel tijd hun snavel zien. In het begin had ik niet door dat zij het waren die dat kenmerkende, een tikje meeuw-achtige, schelle zeur-krijsje lieten horen, maar nu valt het me al op als ik het vaag in de verte hoor.

Het leuke is dat ze ook vaak gezellig in groepsverband gaan jagen. Zo ook op de bewuste dag dat ik het onderstaande filmpje maakte. Een experiment, want de eerste video-post op mijn nog prille blog.

Het liedje dat ik eronder heb gezet is van Iron & Wine en heet – heel toepasselijk – Lovesong of the Buzzard.

Sijsje

DSC02034 sijsje 1 verbeterd

De hele winter hebben ze ons gezelschap gehouden in de achtertuin. Ok, toegegeven, het zal wat te maken hebben gehad met het grote aanbod aan snacks aldaar (zaadjes, vetbollen, pindakaas en – een schijnbaar onuitputtelijke voorraad, want giga-zak – pinda’s), maar die hadden we de vorige twee winters ook en toen waren ze vrijwel onzichtbaar. Ik heb over de prachtige, elegante sijsjes.

Gisteren probeerde het voorjaar weer eens door te breken (+- 10 graden en zowaar wat zon) en werd het tijd om met zoonlief naar de zandbak in de achtertuin te verkassen. Vanaf de bankjes in die bak kun je perfect de vogels in de gaten houden, en dat deed ik dan ook. De sijsjes waren er nog en ze waren verdacht relaxed en totaal niet schuw. Dit exemplaar (volgens mij een vrouwtje) liet zich zeldzaam makkelijk op de gevoelige plaat vastleggen.

Vanochtend vloog er trouwens eentje tegen een raam. Die zat nog een halfuur beduusd op een tak na te shaken. Gelukkig was het licht vandaag niet zo mooi en had ik er al een op de foto, dus hoefde ik geen ramptoerist te spelen door het vogeltje nogmaals te fotograferen.

Als je trouwens leuke feitjes weet over deze vogel: reageer gerust!

Drummers

DSC01983 dit is hem

Hatsjikkidee, daar issie dan: de bonte specht! Het heeft even geduurd voordat hij het aandurfde om in onze tuin langs te komen, maar vanmiddag was het dan eindelijk zo ver. En dat terwijl het er hier in de omgeving echt van wemelt. Even voor de beeldvorming: aantal bonte spechten dat ik in de eerste 35 jaar van mijn leven zag: 2; aantal bonte spechten dat ik in de drie jaar heb gezien sinds ik in een bosrijke randgemeente woon: 637. Maar meestal zit ie dus in het bos. Blijkbaar heeft ie daar normaal zoveel te eten dat naar een tuin komen niet nodig is.

Maar eigenlijk wilde ik het over iets heel anders hebben, namelijk drummen. Spechten worden ook wel de drummers van het bos genoemd, uiteraard door hun gehamer, en wetenschappers gingen er altijd vanuit dat ze door de evolutie geen last hadden van dat eindeloze gebeuk op dat hout. Tot afgelopen februari ineens bekend werd dat wetenschappelijk is vastgesteld dat ze wel degelijk schade oplopen. Een beetje zoals voetballers die eindeloos tegen een bal koppen, zeg maar.

Hoe dan ook, de specht is de drummer van het bos en dat maakt hem zo cool, want drummers zijn cool. Hoe ik dat weet? Zoals de meeste drummers beleefde ik mijn coming-out na eindeloos getik met potloden en pennen op van alles en nog wat (ok, for your information: mijn witte bureaulamp was de hi-hat, de stang van mijn lundia-bureautje de bass-drum en het bureaublad de snare), ten einde het huiswerk maar zo lang mogelijk uit te stellen. Vre-se-lijk, die puberteit. En ik had al een gitaar-fetisch, dus dit kon er ook nog wel bij. En toen mocht ik het drumstel van mijn neefje lenen en in een lege studeerkamer zetten en woonden mama en ik alleen in een groot vrijstaand huis en kon ik eigenlijk zo veel en zo vaak als ik maar wilde rammen op dat ding. Zucht, die goede oude tijd. En daarna zit je dus een leven lang opgezadeld met een nerd-hobby (‘Hoeveel inch zijn jouw cymbals? Speel je met zo’n grote ride? Echt waar?’) die je eigenlijk nooit echt kunt beoefenen, want geen vrijstaand huis of mogelijkheden tot isoleren van een schuurtje in de achtertuin waar dat idioot grote ding toch al niet in paste. Grrr. Maar hé: in de oefenruimte en live is het feest en kan iedere drummer altijd zijn ei kwijt. Al was het maar voor een uurtje. Lang leve de spechten van de rock ’n roll!

mijn drumstel

En dit is dus mijn drumstel, eh…. kit, voor de kenners onder jullie.