Waarom je hond naar chips ruikt

Hallo. Ik liet me inspireren door een artikel uit het AD (‘Waarom je hond naar chips ruikt’, geschreven door Vivian de Gier) en maakte dit lied:

Waarom je hond naar chips ruikt

Waarom je hond naar chips ruikt

Natte hond

Waarom je hond naar chips ruikt

Natte hond

Waarom je hond naar chips ruikt

Natte hond

Waarom je hond naar chips ruikt

Natte hond

Tenenkaas

Tenenkaas

Waarom je hond naar chips ruikt

Natte hond

Muskus

Aziatisch hert

Muskus

Aziatisch hert

Oksels

Oksels

Plensbui

Muskus

Aziatisch hert

Plensbui

Waarom je hond naar chips ruikt

Waarom je hond naar chips ruikt

Aziatisch hert

Muskus

Tenenkaas

Aziatisch hert

Waarom je hond naar chips ruikt

Muskus

Oksels

Kaas

Sometimes it snows een beetje papperig in April

Tsja en dan word je wakker, je kijkt uit het raam en ziet dat je half-verbouwde achtertuin zomaar ineens onder een prachtige witte, ehhh, herstel, onder een papperige, wit-bruine smurriedeken is verdwenen. En het is al april! En dan zet je dat liedje van Prince maar eens op, want ja, dat kán, sinds je gebruikmaakt van de streamingdiensten; zomaar even ieder liedje opzetten dat in je opkomt. Vrouwlief vindt het niks: ‘Is dít van Prince??!’ en misschien is de kwaliteit van het liedje ook wel wat gekleurd door je herinneringen.

Het werd vroegâh – circa 1990 – wel eens gedraaid op momenten dat de radio-DJ van dienst (waarschijnlijk Van Inkel of Frits Spits ofzo; de Magic Friends Sjors (nu burgemeester!) en Peter waren niet zo van de frivole uitspattingen) even uit zijn comfort-zone wilde breken en – doe eens gek! – dit radio-onvriendelijke ballade-monster van 6 minuut 49 zomaar ineens de ether in slingerde. Dan maakte dit lied wel indruk ja, al was het maar om dat rare akkoord dat in de derde regel van het refrein op het woord ‘wish’ ineens het nummer in een compleet ander licht plaatst, eigenlijk precies zoals een sneeuwbui in april dat doet. Zou zijne purperen hoogheid het daarom ook zo gecomponeerd hebben?

Gelukkig zijn de bijzondere feiten over dit lied verder schaars, zodat dit stukje niet nodeloos lang hoeft te worden. De dag dat het werd opgenomen is vermeldenswaardig: 21 april 1985, exact 31 jaar voordat Prince zou overlijden. Om die reden kreeg het vijf jaar geleden ineens ook weer flink wat aandacht. De wijze van opnemen is ook interessant. Geheel tegen zijn eigen gewoonten in bespeelde Prince zelf geen instrumenten en liet hij zijn toenmalige assistenten Wendy & Lisa de piano bedienen, terwijl hij zelf zijn zangpartij inzong. Wendy’s pianokruk kraakte, hetgeen ze aan de maestro meldde, want ja, dat zouden de microfoons zeker oppikken. Maar de maestro sprak: ‘Nee, laat maar. Het is goed zo.’

De Britse variant

Onlangs ontdekte ik dat Tidal een puike selectie maakt van de beste nieuwe Britse indie-muziek die de afgelopen tijd uitkwam. Daar zitten een paar bekende namen tussen, maar vooral heel veel onbekende. ‘British Indie’ noemt Tidal die playlist, en er staan 74 liedjes in die ik zelf heb teruggebracht tot de – in mijn oren – 20 beste. En die heb ik dan ook nog in een logische volgorde gezet. Voor mezelf. En voor u. Afin, luister zelf maar.

The Lazy Eyes – Where’s My Brain???

Omdat het by far het beste liedje (nou ja, liedje…?) is dat ik de afgelopen tijd heb gehoord, ga ik hier even wat woorden wijden aan Where’s My Brain van The Lazy Eyes. Ik had eerlijk gezegd nog nooit van deze jonge Australische viermansformatie gehoord voordat ik op hun nieuwste single stuitte, maar als je de schaarse biografietjes op het web mag geloven worden ze her en der al een tijdje op handen gedragen in de muziekwereld.

Eigenlijk is het recept voor Where’s My Brain al zo oud als de weg naar Rome: zet vier mensen (drums, bas, twee gitaren) in een ruimte, laat ze zes en een halve minuut lang (de radiovriendelijkste single-lengte; not!) een simpele, maar moddervette psychedelische groove spelen, zorg dat er genoeg dynamiek in zit met vloeiende, maar toch ook onverwachte hard-zacht-hard-wendingen, verzin een pakkende zanglijn en een niet al te ingewikkelde tekst en je hebt een hit! Ehhh, nou, ja, niet in de meest klassieke zin van het woord, want een nummer zoals ik het hierboven beschrijf druist zo’n beetje tegen alle moderne eisen in die pak ‘m beet Youtube en Spotify aan artiesten stellen. Maar is dat erg? Natuurlijk niet, zeg ik je, als fan van retro-psychedelica-jam-muziek!

Valt er verder nog wat te zeggen over dit nummer? Misschien dat je bij een eerste luisterbeurt nog kan denken dat de leadzanger een vrouw is, terwijl het in werkelijkheid een jongeman is met een puike kopstem. En over muzikale trucjes gesproken, gitaristen zullen op 03:00 minuten de welbekende flageoletten (een soort ‘tovernoten’) herkennen, die hier zo mooi gemixt zijn, gedubbeld met een of ander keyboardje, waardoor ze ineens toch verrassend klinken. Luister zelf maar.

Dit lied staat trouwens op 1 in mijn ondanks gedeelde playlist ‘Met gratie naar je vaccinatie’.



The Burning Hell – I Want to Drink in a Bar

Dit liedje had eigenlijk wel wat meer aandacht verdiend. Ik vind het knap dat je tijdens de eerste lockdownweken in 2020 iets schrijft dat de tijdgeest blijkbaar zo goed weet te vangen, dat het bijna een jaar later nog steeds fris, actueel en kloppend klinkt. Ok, de song heeft muzikaal gezien niks opvallends te bieden, maar de tekst is grappig, bijtend, spottend, zielig, opbeurend, vreemd; van alles tegelijk eigenlijk. Afin, luister zelf maar. En, o ja, zelfs de grootste kroeg-haters zullen inmiddels toch wel weer een béétje uitkijken naar een lekkere Rivella in het dorpscafé?