Griet op de Beeck

Griet op de Beeck - gezien de feiten

Arme Griet op de Beeck. Word je jarenlang op handen gedragen door boekenminnend Nederland, sabelt de kwaliteitspers je boekenweekgeschenk genadeloos neer. Arjan Peters sluit zijn recensie van Gezien de feiten zelfs af met de zin ‘Griet had beter niks kunnen doen’. Pijnlijker kan het voor een schrijver niet worden, denk ik. Zelf laat ik me door zure stukjes niet graag weerhouden en ik ben dan ook voornemens om Gezien de feiten zo onbevooroordeeld mogelijk te gaan lezen.

De komende twee weken mag ik bij een stuk of vijftig havo-eindexamenkandidaten weer het mondeling literatuur afnemen. Een paar zullen misschien op de hoogte zijn van de boekenweek en een enkeling weet heel misschien zelfs dat het geschenk van dit jaar door een bekende Vlaamse schrijfster geschreven is, maar dat ook maar iemand een regel van een recensie gelezen zal hebben betwijfel ik ten zeerste. Het maakt ook niet zoveel uit: het kost de jeugd al zoveel moeite om een heel boek te lezen, laat staan dat ze beseffen dat er mensen zijn die zich druk maken over de literaire kwaliteit ervan. En juist die laatste gedachte maakt dat ik denk dat men er eigenlijk maar mee moet stoppen, negatieve boekrecensies schrijven. Misschien moet ik Arjan Peters eens uitnodigen om bij een paar van die mondelinge examens te komen zitten, dan piept ie daarna vast wel anders.

Remco Campert

Remco Campert heeft gisteren aan zijn uitgeverij laten weten dat hij stopt met schrijven. De beste man is 88 jaar oud en ik moet bekennen dat ik dacht dat hij nog eens in het harnas zou sterven, zittende achter zijn schrijfmachine. De laatste jaren lazen we thuis trouw zijn poëziestukje in de weekendbijlage van de Volkrant. Voor mij als Neerlandicus wellicht niet opvallend, maar mijn vrouw zegt steevast dat ze poëzie niet snapt en er niks mee heeft. Ik vond het dus buitengewoon knap dat deze oude man haar iedere week zo wist te boeien met de meest uiteenlopende, vaak ingewikkelde gedichten. Wat mij zelf iedere keer weer opviel in de toon en de stijl van de stukjes? In de eerste plaats hoe fris het allemaal nog op mij als lezer overkwam. Nergens had ik het gevoel dat ik de schrijfsels van iemand aan het lezen was die de voeling met de tijdgeest en de bijbehorende taal al lang kwijt was. En ten ten tweede dat je altijd weer merkte dat hij nergens zijn neus voor ophaalde, zich nergens te goed voor voelde; iets wat literatoren (niet altijd ten onrechte) vaak verweten wordt. Iedereen met een hart voor poëzie verdiende het in zijn optiek om gehoord te worden, iedereen die in zijn leven ook maar iets aan de edele dichtkunst had bijgedragen kon op zijn sympathie rekenen. Toch knap, voor een somberman.